Quintesse

Praktische nascholing voor bedrijfsartsen en verzekeringsartsen

Wil je toegang tot alle artikelen, video's en nascholing van Quintesse?

Abonneer nu! Meer informatie

Alle collecties van Quintesse

Gesorteerd op nieuw - oud
Diagnostiek en begeleiding van lage rugklachten Lees meer over Diagnostiek en begeleiding van lage rugklachten Diagnostiek en begeleiding van lage rugklachten
Rugklachten zijn vaak aspecifiek. Het diagnostisch proces is relatief eenvoudig. Bij de meeste patiënten is de anamnese al voldoende om de diagnose te kunnen stellen. Lichamelijk onderzoek is dan ook niet direct aangewezen, hoewel het verwachtingspatroon bij patiënten soms anders kan liggen. Voor een goede dokter-patiëntrelatie kan daarom een lichamelijk onderzoek nuttig zijn. De meeste rugklachten zijn self-limiting. Door voldoende te bewegen en met een laag niveau van pijnmedicatie is het grootste gedeelte van de patiënten binnen twee weken hersteld. Een beperkte groep patiënten zal moeten worden verwezen naar de fysiotherapeut en voor een kleine restgroep is beeldvormende diagnostiek noodzakelijk. Hiermee kan worden beoordeeld of toch sprake is van specifieke rugklachten. Op grond daarvan kan ook een verwijzing naar de orthopedisch chirurg worden overwogen. De prognose van lage rugklachten is afhankelijk van verschillende factoren. Zij zijn van invloed op herstel en werkhervatting. De begeleiding is vooral gericht op het activeren en tijdcontingent re-integreren, waardoor somatische fixatie wordt voorkomen. Er bestaan verder mythen rond lage rugklachten die in dit artikel worden ontzenuwd.
Verzekeringsgeneeskundige beoordeling bij (aspecifieke) lage rugklachten Lees meer over Verzekeringsgeneeskundige beoordeling bij (aspecifieke) lage rugklachten Verzekeringsgeneeskundige beoordeling bij (aspecifieke) lage rugklachten
ALR is rugpijn waarvoor geen specifieke lichamelijke oorzaak aanwijsbaar is. In essentie is het een subjectieve pijnbeleving. De verzekeringsgeneeskundige beoordeling van cliënten met aspecifieke lage rugklachten is vaak complex en meestal multicausaal. Psychosociale belemmeringen voor herstel, inclusief eventueel belemmerende factoren in de werksituatie, moeten tijdig en adequaat worden onderkend. Voorkomen moet worden dat acute aspecifieke lage rugklachten chronisch worden, omdat – gelet op de aard van het probleem – ALR idealiter niet bij de verzekeringsarts komt ter beoordeling van de (mate van de) arbeidsongeschiktheid. De praktijk is echter weerbarstiger. Indien een cliënt wel twee jaar verzuimt is er sprake (geweest) van stagnatie van herstel. De subjectieve pijnbeleving en de daarbij behorende persoonlijke en contextuele factoren kunnen uiteindelijk leiden tot het tóch moeten aannemen van enige functionele beperkingen.
Specifieke en aspecifieke lage rugklachten Lees meer over Specifieke en aspecifieke lage rugklachten Specifieke en aspecifieke lage rugklachten
Rugklachten komen veel voor; 80% van alle Nederlanders krijgt ooit in zijn leven lage rugklachten. Deze klachten zijn daarmee één van de meest voorkomende oorzaken van gezondheidsproblemen in de Westerse samenleving en leiden tot een enorme medische maar vooral maatschappelijke kostenpost, in de eerste plaats door productieverlies en ziekteverzuim. In 5 tot 10% van de gevallen is er sprake van een specifieke oorzaak voor deze klachten. Belangrijk is een inschatting te kunnen maken of de klachten een aspecifieke of een specifieke oorzaak hebben. Dit heeft uiteraard een sterke invloed op het te volgen medisch en sociaal medisch beleid. In het artikel wordt een overzicht gegeven van de meest voorkomende specifieke oorzaken voor chronische lage rugklachten, hoe deze met behulp van rode vlaggen te herkennen zijn en tot slot worden aspecifieke lage rugklachten besproken. Het belang van het herkennen van gele en blauwe vlaggen binnen het biopsychosociaal model wordt eveneens gepresenteerd.
Hemianopsie en niet-aangeboren hersenletsel Lees meer over Hemianopsie en niet-aangeboren hersenletsel Hemianopsie en niet-aangeboren hersenletsel
Hemianopsie is een veelvoorkomende beperking bij niet-aangeboren hersenletsel. De omvang van de beperkingen bij hemianopsie wordt vaak onderschat. Middels specifieke revalidatie kan worden geleerd de beperkingen van de hemianopsie te compenseren. Gedeeltelijk herstel van functionele mogelijkheden is daarbij mogelijk, maar vaak blijven de beperkingen bestaan.
De bedrijfsarts en middelenmisbruik onder werknemers: braakliggend terrein Lees meer over De bedrijfsarts en middelenmisbruik onder werknemers: braakliggend terrein De bedrijfsarts en middelenmisbruik onder werknemers: braakliggend terrein
Middelenmisbruik onder werknemers is lastige materie, zowel voor de werkgever, de werknemer in kwestie als de bedrijfsarts. De ontkenning van het probleem, het stiekeme gebruik, het opvangen van de signalen op de werkvloer: het stelt eenieder voor een grote uitdaging. De bedrijfsarts voelt zich niet altijd even comfortabel bij deze problematiek. Begrijpelijk, want er komt veel meer bij kijken dan bij meer reguliere gezondheidsproblemen van werknemers. Er moet gewerkt worden in een complex krachtenveld gevormd door de vaak niet al te bereidwillige werknemer, de werkgever die duidelijkheid wil en dat alles strak binnen de wettelijke kaders. De bedrijfsarts dient bij werknemers met middelenproblematiek binnen dezelfde wettelijke kaders te blijven als bij overige ziekten. Gerichte diagnostiek, testen en monitoring van gebruik is mogelijk, mits de werknemer geïnformeerde toestemming heeft gegeven. Bedrijven kunnen door de bedrijfsarts worden geassisteerd in het opzetten van een nieuw alcohol- en drugsbeleid (middelenbeleid), wat voor alle partijen vaak een zeer zinvolle exercitie blijkt te zijn. Een concrete casus schetst een mogelijke aanpak bij een werknemer met middelenmisbruik.
Alcohol onder controle? Lees meer over Alcohol onder controle? Alcohol onder controle?
In toenemende mate heb ik op mijn spreekuur te maken met mensen die vastgelopen zijn, of dreigen vast te lopen, als gevolg van problematisch gebruik van alcohol. Volgens onderzoek is in 2003 10,3% van de Nederlandse bevolking van 16 t/m 69 jaar probleemdrinker. Best veel. Ik vind het lastig. Wat is nou eigenlijk problematisch alcoholgebruik? Waar ligt de grens? Hoe kom ik daar achter bij mijn cliënten, maar ook voor mij persoonlijk? En wat kun je er dan aan doen?